Ramon Wernsen

Publicatie verschenen in Vakblad Financiële Planning (VFP 2020), januari 2020, door Ramon Wernsen

De financiële planningshorizon van een persoon of huishouden speelt een belangrijke rol binnen het financieel plan. Deze is zowel belangrijk voor de invulling van de asset allocatie op het gebied van beleggingen als bij het nemen van andere financiële beslissingen waaronder het overdragen van vermogen. Hiermee is de financiële planningshorizon breder dan de beleggingshorizon. In dit artikel staat de beleggingshorizon centraal en dan vooral de valkuilen bij het bepalen ervan.

Beleggingshorizon en asset allocatie

Binnen de discussie over tijdsdiversificatie speelt de beleggingshorizon een belangrijke rol. Er zijn meerdere definities van de term beleggingshorizon. Wanneer we de verschillende definities terugbrengen tot een bruikbare definitie dan is het de maximale periode dat uw klant kan beleggen zonder dat hij het geld nodig heeft voor andere doelen.

Kortom, de beleggingshorizon is de periode tussen de startdatum en het moment waarop een klant zijn beleggingsdoelstelling wil verwezenlijken. De beleggingshorizon is vaak lang. Met het aflossen van een hypotheek of het opbouwen van een aanvullend pensioen is een groot bedrag gemoeid dat door de meeste klanten alleen maar over een lange periode kan worden opgebouwd.

Een lange beleggingshorizon heeft bijvoorbeeld de belegger van 40 jaar oud die als doel heeft te kunnen stoppen met werken als hij 55 jaar oud is. Wie echter op de leeftijd van 50 jaar het beleggingsdoel nastreeft om met 55 jaar te kunnen stoppen met werken, heeft een veel kortere beleggingshorizon. De lengte van de beleggingshorizon is dus afhankelijk van de termijn waarop het gestelde beleggingsdoel moet zijn gerealiseerd. In hun vragenlijsten maken adviseurs vaak gebruik van de volgende beleggingstermijnen.

  • tot 1 jaar zeer kort
  • 1 jaar tot 5 jaar kort
  • 5 tot 10 jaar middellang
  • meer dan 10 jaar lang

Hoe langer de beleggingshorizon hoe meer punten de belegger krijgt en hoe offensiever – lees meer in aandelen – deze mag beleggen op basis van het profiel. Dit alles op basis van de beleggingstheorie dat beleggen in aandelen minder risicovol wordt als de horizon langer is.Read more

Belastingwijzigingen per 1 januari 2020

Publicatie verschenen op www.akkermans.nl januari 2020, door Ramon Wernsen

Als financieel adviseur moet u goed op de hoogte zijn van de verschillende belastingtarieven. Per 1 januari zijn veel van deze tarieven gewijzigd. In dit artikel komen de belangrijkste belastingwijzigingen per 1 januari 2020 aan bod binnen de volgende categorieën:  Inkomsten- en loonbelasting Vennootschapsbelasting en fiscale structurering bv- en privévermogen Btw en accijns Schenk- en erfbelasting Overig.

 

1.0 Inkomsten- en loonbelasting 2020

1.1 Tarieven box 1 2020 versus 2019 (belastingplichtigen jonger dan AOW-leeftijd)

Wat opvalt is dat we in 2020 eerder dan oorspronkelijk de bedoeling was voor de inkomstenbelasting naar een tweeschijvenstelsel gaan.

Dit tweeschijvenstelsel zal alleen gelden voor belastingplichtigen die premieplichtig zijn voor alle volksverzekeringen, ofwel diegenen die de AOW-leeftijd nog niet hebben bereikt. In 2019 waren er nog drie schijven voor de inkomstenbelasting: het tarief tot een inkomen van € 20.384 bedroeg 36,65%. Voor een inkomen tussen € 20.384 en € 68.507 was het tarief 38,10%. En voor het deel van het inkomen boven de € 68.507, bedroeg het tarief 51,75%.

In 2020 zijn er nog maar twee belastingschijven. Het tarief tot een belastbaar inkomen van € 68.507 is 37,35%. Dit percentage bestaat voor 9,7% uit belasting. Het restant van 27,65% is bestemd voor de premie volksverzekeringen bestaande uit premie AOW, AWBZ/ WLZ en ANW. Het percentage premies volksverzekeringen blijft in 2020 ongewijzigd ten opzichte van 2019. Voor het deel van het inkomen boven de € 68.507 is het belastingtarief 49,50%. Ten opzichte van 2019 zien we verder dat de grensbedragen voor wat betreft schijf 1 en 2 geïndexeerd zijn met respectievelijk 1,6% en 1,2% in 2020. De hoogste belastingschijf start bij een belastbaar inkomen van € 68.507. Dit grensbedrag blijft ongewijzigd ten opzichte van 2019 (zie verder figuur 1).

Figuur 1

Read more


Help uw klanten geld te besparen op de hypotheek

Publicatie verschenen in Vakblad Hypotheekadviseur, december 2019, door Ramon Wernsen

De woonlasten zijn voor de meeste van uw klanten een van hun grootste maandelijkse uitgaven. Dit is dan ook gelijk de reden dat zij altijd openstaan voor besparingsmogelijkheden. Voorwaarde is natuurlijk wel dat uw besparingsadviezen meer opleveren dan uw factuur groot is. Zowel voor die klanten die een nieuwe hypotheek afsluiten, als voor diegenen die al een hypotheek hebben zijn verschillende besparingsadviezen nuttig. In dit artikel bespreek ik diverse mogelijke besparingstips die u kunt inzetten richting uw klanten.

Benut het effect van eigen geld

Geld lenen kost geld, zo maakt de overheidsslogan onze klanten al jaren duidelijk. Toch is dat bij een hypotheek minder voelbaar dan bij bijvoorbeeld een persoonlijke lening. Onder andere door de relatief lage rente die veel van uw klanten over hun lening betalen en de veelal lange looptijd van een hypotheek. Hierdoor verliezen veel klanten makkelijk uit het oog hoeveel de lening hen in totaal kost.

Elke euro die uw klant niet hoeft te lenen, zorgt direct voor een besparing. Ook de premie voor een eventuele overlijdensrisicoverzekering kan iets omlaag als klanten minder lenen.  Voor hun   hypotheek geldt bovendien: hoe minder zij lenen, hoe lager de rente. Bij het uitlenen van geld loopt de geldverstrekker het risico dat het leenbedrag niet wordt terugbetaald. Is het risico dat de lening niet wordt terugbetaald groter dan gemiddeld, dan wil de geldverstrekker zoals u weet hiervoor worden gecompenseerd, door middel van een risico-opslag bovenop de basisrente. De basisrente is de rente die uw klant betaalt tot een hypotheekhoogte van ongeveer 50 procent van de woningwaarde. Leent uw klant meer, dan betaalt hij dus een risico-opslag, een toeslag bovenop de basis hypotheekrente. Deze toeslag is bij sommige geldverstrekkers wel 0,5 procent of meer. Door eigen geld mee te brengen, betaalt uw klant dus geen of een lagere risico-opslag. Uiteraard is het wel belangrijk dat de klant altijd een minimumbuffer aan cashgeld aanhoudt. Hoe hoog deze minimale buffer moet zijn, verschilt per huishouden. Zelf houd ik altijd aan minimaal drie netto-maandsalarissen.

Andere risicoklasse

Heeft uw klant in het verleden ooit een zogenoemde tophypotheek afsloten? Om het extra risico te dekken, hanteerden veel geldverstrekkers een renteopslag. Is de waarde van de woning gestegen, dan kan dat voor de geldverstrekker aanleiding zijn om de opslag te laten vervallen. De hypotheeklening valt dan in een andere risicoklasse, die is gebaseerd op de verhouding tussen de schuld en de waarde van de woning. Read more


Is extra aflossen op uw hypotheek slim?

Publicatie op ffp.nl, 08-10-2019, door Ramon Wernsen

Steeds meer huiseigenaren kijken naar de mogelijkheden om (meer) af te lossen op de (aflossingsvrije) lening op hun huis. Er zijn uiteenlopende redenen om af te lossen. Een van de redenen is het besparen van geld als u niet langer een hypotheeklening hebt. De overheid zegt het al: Geld lenen kost geld.

Wat zijn de voordelen van aflossen?
Door uw hypotheek af te lossen, vergroot u uw bezit en laat u de omvang van uw schuld dalen. De maandlasten worden lager. Aflossen is niet alleen vanuit financieel perspectief aantrekkelijk. Het maakt u ook minder afhankelijk van wijzigingen in de fiscale regels rond de hypotheekrenteaftrek. Dat is belangrijk, nu de overheid al jarenlang deze fiscale regelingen rondom de eigen woning versobert.

Over het afgeloste bedrag hoeft u geen rente meer te betalen. De historisch lage rente speelt hierbij een belangrijke rol. De lage rente die u ontvangt op uw spaargeld is momenteel veel minder dan de rente die u aan uw geldverstrekker betaalt, rekening houdend met het fiscale voordeel. Door voor het einde van het jaar af te lossen met spaargeld uit box 3 voorkomt u dat dit vermogen begin volgend jaar in de rendementsgrondslag wordt meegenomen.

Verwacht u daarentegen een hoger rendement op uw geld dan de rente die u netto op uw hypotheek betaalt, dan is aflossen rekenkundig niet interessant. Of aflossen voor u aantrekkelijk is, hangt dus vooral af van de vraag hoeveel rendement u verwacht te maken op uw eigen geld.

Zitten er ook nadelen aan aflossen?
Aflossen heeft ook nadelen. Houd er rekening mee dat het geld vastzit in uw woning. Het is lastig om dit geld snel weer vrij te maken. Hiervoor moet u uw huis verkopen of een krediethypotheek afsluiten waarbij u opnieuw geld leent met uw huis als onderpand. Ook fiscaal gezien zit uw aflossing vast in de woning. Door af te lossen verhoogt u de overwaarde van de woning, het verschil tussen de economische waarde en de hypotheekschuld die erop rust. Verkoopt u de woning, dan ’stimuleert’ de bijleenregeling van de overheid u deze overwaarde in een nieuwe woning te stoppen. De rente over het bedrag aan lening ter grootte van de overwaarde is namelijk niet meer aftrekbaar.Read more


Tien misverstanden over de eigen woning en de hypotheek

Bijdrage voor het Vakblad De Hypotheekadviseur, nummer 5 2019 (oktober 2019), uitgever Wolters Kluwer

Net als het weer en de politiek, heeft ook iedereen een mening over hypotheken. Als iemand een woning gaat kopen, krijgt hij van alle kanten goed advies van ervaringsdeskundigen, zoals familie, vrienden en de buurman. Helaas zijn er nog wel wat hardnekkige misverstanden. De belangrijkste tien daarvan treft u in dit artikel aan.

1. Een eigen woning is altijd een goede investering

Veel huiseigenaren gaan er altijd van uit dat de woning die zij kopen een goede investering is. Met andere woorden, dat zij bij een toekomstige verkoop meer dan de koopsom terugkrijgen. Lange tijd was dat ook het geval. In het verleden zijn in ons land de prijzen van koopwoningen over een zeer lange periode fors in prijs gestegen. Een koopwoning wordt daarom door veel mensen gezien als een goede investering. De factoren die zorgden dat de woningprijzen stegen zijn echter veranderd. De huizenprijzen stegen – met enige korte onderbrekingen – sinds eind jaren tachtig door een bijzondere mix van soepeler wetgeving en leenvoorwaarden en de historisch lage hypotheekrente. Daarnaast zorgden nieuwe hypotheekvormen zonder aflossing ervoor dat huizenkopers veel meer konden lenen dan in de decennia daarvoor.

Anno 2019 is de situatie anders. De aflossingsvrije hypotheekvormen zijn niet meer aantrekkelijk voor starters nu de betaalde rente over deze hypotheekvorm voor hen niet langer aftrekbaar is. Ook de wet- en regelgeving is minder soepel. En hoewel het lastig is om in te schatten wat de rente gaat doen in de komende jaren, verwachten analisten dat deze eerder zal stijgen dan dat deze verder daalt. Het rendement op de eigen woning is daardoor naar verwachting minder dan in de afgelopen tien jaar. Zeker na aftrek van de kosten voor onderhoud en de hypotheekrente.

Dat een eigen woning over een jaar of tien, vijftien veel meer waard is dan de koopsom is dus helemaal niet zo vanzelfsprekend. Zeker niet als we rekening houden met de regionale verschillen. De ontwikkeling van de huizenprijzen in de Randstad is niet vergelijkbaar met de ontwikkeling van de huizenprijzen in de rest van het land. In het afgelopen jaar nam de gemiddelde prijs van een woning in Amsterdam bijvoorbeeld met meer dan 17 procent toe, de gemiddelde prijsstijging in Nederland is 6,5 procent, zo blijkt uit cijfers van het CBS. Die tweedeling is ontstaan door de aantrekkingskracht van de Randstad, onder andere door de voorzieningen, de zorg en de werkgelegenheid. Read more


Uit de praktijk van een financieel planner: de lusten en lasten van een aflossingsvrije hypotheek

Publicatie op ffp.nl, 08-10-2019, door Ramon Wernsen

Het opstellen van een financieel plan is onderdeel van de werkzaamheden van een financieel planner. In dit plan wordt duidelijk of u als cliënt uw besproken wensen en doelstellingen kunt realiseren en hoe u uw financiële vraagstukken het beste kunt oplossen. Een financieel plan moet echter ook nog uitgevoerd worden. Daarnaast is een regelmatige update van belang. Door uw financieel planner bij de uitvoering van het financieel plan te betrekken, kan hij mogelijk veel geld voor u besparen.

Aflossingsvrije hypotheek
Onderdeel van het financieel plan dat ik voor een van mijn klanten heb gemaakt was de vraag hoe om te gaan met de bestaande aflossingsvrije hypotheek. Immers over een aantal jaren zal de looptijd van dertig jaar aflopen. Dit kan betekenen dat de geldverstrekker de betreffende hypotheek mag opvragen. Banken mogen dat doen, zeker als een verlenging van de hypotheek financieel niet meer verantwoord is. Het klinkt tegenstrijdig, maar ook huishoudens met een aflossingsvrije hypotheek moeten hun hypotheek vroeg of laat aflossen. Daarnaast is er (gerekend vanaf 2001) recht op maximaal 30 jaar hypotheekrenteaftrek. In 2031 zal hierdoor voor het eerst sprake zijn van huishoudens die de lasten niet kunnen opbrengen. Vooral diegenen met een grote aflossingsvrije hypotheek en een klein pensioen lopen risico. Als de hypotheeklasten niet worden betaald, kan de bank uiteindelijk zelfs overgaan tot uithuiszetting.

Voor- en nadelen
Ik besprak met mijn cliënt de voor- en de nadelen van deze hypotheekvorm. Een belangrijk voordeel is dat de maandelijkse woonlasten laag zijn. Dit terwijl mijn klant wel maximale hypotheekrenteaftrek heeft en flexibel is in zijn aflossingen. Nadelen zijn er echter ook. Op korte termijn betreft het hier een goedkope oplossing, maar op de langere termijn betreft het een dure optie. Immers, mijn klant blijft tot in lengte der dagen rente betalen zonder dat de schuld in nominale zin minder wordt. Verder zal de hypotheek ooit moeten worden afgelost.Read more


LIVE op LinkedIn - Hoe zet je slim geld opzij voor je (klein)kinderen?

Vandaag (4 oktober) als financieel planner in de studio bij RTL Z in het programma Kijkers aan Z. Dit keer met als onderwerp ‘Hoe zet je slim geld opzij voor je (klein)kinderen? Zie tv-uitzending van vrijdag 4 oktober.

Bekijk hier de video

Het (nieuwe) huwelijksvermogensrecht

De invloed van relatievormen op financiële planning.

Dit boek beschrijft het (nieuw) huwelijksvermogensrecht en de invloed van relatievormen op financiële planning. In de tekst treft u vele verwijzingen aan naar relevante wetsartikelen en rechtspraak.

De relatievorm zou het startpunt moeten zijn binnen de financiële planning. In de praktijk blijkt dat slechts weinig gehuwde, geregistreerde of samenwonende partners weten wat zij met elkaar hebben afgesproken en wat de gevolgen hiervan zijn. Binnen de financiële planning is het dan ook belangrijk om dit te beschrijven en te toetsen of dit (nog) wenselijk is. Dit kan betekenen dat het aanpassen van de verschillende voorwaarden een goed en noodzakelijk advies kan zijn.

Ieder mens krijgt gedurende zijn leven te maken met veranderingen die ook financiële en juridische gevolgen hebben. Zo houden niet alle relaties stand en is scheiden ook een levensgebeurtenis waar serieus rekening gehouden mee moet worden. Ditzelfde geldt ook voor vroeger dan verwacht overlijden van onszelf, onze partner of onze kinderen. Ook deze onverwachte levensgebeurtenissen spelen een belangrijke rol binnen de financiële planning. De vraag die beantwoord moet worden is: wat betekent een van deze onverwachte gebeurtenissen voor de financiële positie van een van of beide partners. Kan in het geval van overlijden de (overgebleven) partner nog blijven voorzien in een bepaald uitgavenpatroon en kan deze persoon in de woning blijven wonen? En wat zijn de financiële gevolgen van een echtscheiding?

Steeds meer beroepen tonen belangstelling voor financiële planning. Daarom is deze uitgave niet alleen interessant voor de financieel planner maar ook voor de accountant, belastingadviseur, estate planner, private banker, echtscheidingsadviseur, hypotheekadviseur en beleggingsadviseur.

Ons boek ‘Het (nieuwe) huwelijksvermogensrecht’ ligt binnenkort in de winkel of worden besteld via de verschillende webshops zoals bol.com.

Bestellen >


Het (nieuwe) huwelijksvermogensrecht

De invloed van relatievormen op financiële planning.

Dit boek beschrijft het (nieuw) huwelijksvermogensrecht en de invloed van relatievormen op financiële planning. In de tekst treft u vele verwijzingen aan naar relevante wetsartikelen en rechtspraak.

De relatievorm zou het startpunt moeten zijn binnen de financiële planning. In de praktijk blijkt dat slechts weinig gehuwde, geregistreerde of samenwonende partners weten wat zij met elkaar hebben afgesproken en wat de gevolgen hiervan zijn. Binnen de financiële planning is het dan ook belangrijk om dit te beschrijven en te toetsen of dit (nog) wenselijk is. Dit kan betekenen dat het aanpassen van de verschillende voorwaarden een goed en noodzakelijk advies kan zijn.

Ieder mens krijgt gedurende zijn leven te maken met veranderingen die ook financiële en juridische gevolgen hebben. Zo houden niet alle relaties stand en is scheiden ook een levensgebeurtenis waar serieus rekening gehouden mee moet worden. Ditzelfde geldt ook voor vroeger dan verwacht overlijden van onszelf, onze partner of onze kinderen. Ook deze onverwachte levensgebeurtenissen spelen een belangrijke rol binnen de financiële planning. De vraag die beantwoord moet worden is: wat betekent een van deze onverwachte gebeurtenissen voor de financiële positie van een van of beide partners. Kan in het geval van overlijden de (overgebleven) partner nog blijven voorzien in een bepaald uitgavenpatroon en kan deze persoon in de woning blijven wonen? En wat zijn de financiële gevolgen van een echtscheiding?

Steeds meer beroepen tonen belangstelling voor financiële planning. Daarom is deze uitgave niet alleen interessant voor de financieel planner maar ook voor de accountant, belastingadviseur, estate planner, private banker, echtscheidingsadviseur, hypotheekadviseur en beleggingsadviseur.

Ons boek ‘Het (nieuwe) huwelijksvermogensrecht’ ligt binnenkort in de winkel of worden besteld via de verschillende webshops zoals bol.com.

Bestellen >


De box 3-hypotheek als planningsoplossing voor uw vermogende klant

bron: Vakblad Financiële Planning, nummer 9 2019 (september 2019), uitgever Wolters Kluwer

De eigenwoningschuld wordt standaard belast in box 1 en de rente hierover is na verrekening met het eigenwoningforfait onder voorwaarden fiscaal aftrekbaar in dezelfde fiscale box tegen maximaal 49 procent (2019). Gelet op de huidige lage rente en de verdere versobering van de hypotheekrenteaftrek in box 1 kan het voor een deel van uw klanten financieel aantrekkelijker zijn om de lening in box 3 te laten vallen. De besparing aan vermogensrendementsheffing in box 3 is dan hoger dan de teruggave aan hypotheekrenteaftrek in box 1.

De eigen woning valt standaard in box 1 van de Wet Inkomstenbelasting 2001 (hierna Wet IB). Wat allemaal onder het begrip eigen woning wordt verstaan wordt beschreven in artikel 3.111 van de Wet IB. De belastbare inkomsten uit de eigen woning zijn de voordelen uit eigen woning verminderd met de op die voordelen drukkende aftrekbare kosten (zie art. 3.110 Wet IB). De voordelen die samenhangen met het bezit van een eigen woning zijn belast en de kosten die op de eigen woning betrekking hebben zijn aftrekbaar in box 1. Onder de voordelen vallen het eigenwoningforfait (zie art. 3.112 Wet IB) en een eventueel belast rentebestanddeel in een, voor 2013, afgesloten kapitaalverzekering eigen woning, spaarrekening eigen woning of beleggingsrecht eigen woning. De aftrekbare kosten die betrekking hebben op een eigen woning staan vermeld in art. 3.120 Wet IB. Hieronder vallen onder andere de rente van schulden die behoren tot de eigenwoningschuld.

Inkomsten uit de eigen woning

De inkomsten uit de eigen woning worden forfaitair vastgesteld en bedragen een percentage van de WOZ-waarde van de eigen woning van uw klant (zie art. 3.112 Wet IB). De komende jaren zullen de percentages wijzigen. Voor de meeste woningen in ons land betekent dit een daling, voor de woning met een WOZ-waarde boven de 1.080.000 euro echter is dit niet het geval (zie figuur 1).

Download de pdf en lees verder